|
Duurzaam ondernemen is dóen |
|
donderdag, 15 juli 2010 09:55 |
|
Duurzaam ondernemen staat voor mij gelijk aan actie. Niet praten, maar doen. Ik denk dat we juist nu, in tijden waarin de doemscenario’s en crises ons om de oren vliegen, deze ondernemende mensen nodig hebben. Ondernemende mensen in het bedrijfsleven, maar ook bij de overheid en in de maatschappij. Mensen die de schouders eronder zetten en aan de slag gaan met oplossingen, in plaats van te blijven hangen in problemen.
Een mooi voorbeeld van zo’n ondernemer is Gunter Pauli. Laatst interviewde ik hem voor mijn nieuwe boek dat over energie gaat. Pauli is onder andere oprichter van ZERI (Zero Emissions Research & Initiatives) Foundation, een wereldwijd netwerk dat emissies totaal uitbant. Hij is een echte ondernemer die continu op zoek is naar een goede business case mét een duurzame insteek.
Pauli laat zien dat het kan. Dat duurzame oplossingen voor handen zijn en dat het slechts een kwestie is van het pakken van deze kansen. Zo vertelde hij over zijn project in Brazilië. Daar vangen ze CO2 af van een fabriek en gebruiken ze het om algen te kweken. Een derde deel van deze algen wordt gebruikt voor voedsel, 1/3 voor de productie van biofuel en 1/3 voor het maken van plastics. Duurzaam, winstgevend én er zijn zeshonderd mensen aan het werk.
Een ander voorbeeld is zijn ‘pulp to protein project’. Wist u dat 99 procent van de koffie afval is? Hier doen we niets mee. Afval van koffie blijkt echter een perfecte katalysator voor het kweken van champignons. Het resultaat? Een duurzame oplossing voor koffieafval, meer dan duizend banen en een winstgevende business case.
Dit zijn de voorbeelden die mij inspireren. In mijn werkzaamheden voor Search praat ik dagelijks met opdrachtgevers die ervan overtuigd zijn dat duurzaam synoniem is voor duur. Of het nu consultancyprojecten zijn of projecten op het gebied van duurzaam bouwen en slopen, áltijd is de voornaamste opgave om de opdrachtgever te laten zien dat er oplossingen zijn die duurzaam zijn én financieel aantrekkelijk.
Dit zijn ook de soort oplossingen waar we naar moeten streven. Oplossingen die meervoudige winst opleveren. Winst voor de wereld, de mens en voor uw bedrijf. En weet u wat het mooie is? Deze oplossingen zijn er vaak al. Vandaar ook mijn oproep aan alle ondernemende mensen in bedrijfsleven, overheid en maatschappij: laten we vooral stoppen met praten over problemen, maar laten we de oplossingen oppakken en het nu gewoon gaan dóen.
Anne-Marie Rakhorst is directeur-eigenaar van Search, een internationaal opererend ingenieurs- en adviesbureau, laboratorium en opleidingsinstituut met 200 medewerkers. Kijk voor meer informatie over Search en Anne-Marie Rakhorst op de websites www.searchbv.nl www.annemarierakhorst.nl en www.duurzaamheid.nl. Meer informatie over haar nieuwste boek ‘Nieuwe Energie; Nederland na het fossiele tijdperk’ vindt u op de website www.nahetfossieletijdperk.nl
|
|
Zwart gat in de woningmarkt |
|
vrijdag, 18 juni 2010 09:52 |
vrijdag, 18 juni 2010, 6:50 - Door: Bob Maas
De ontwikkelingen op de woningmarkt kunnen op dit moment alle kanten op gaan en dan is het noodzakelijk dat je als belangenbehartiger goed voorbereid bent. Je moet de feiten op een rij hebben wil je op een goede manier in discussie kunnen treden en de belangen waar je voor staat goed kunnen verdedigen. Naar aanleiding van de – nogal eenzijdige – discussie over de kosten van de koopsector (lees: de hypotheekrenteaftrek) heb ik getracht een scherper beeld te krijgen van de geldstromen in de huursector. Daarmee willen we als vereniging de discussie breder trekken en de uitgangspunten voor een mogelijke integrale hervorming van de woningmarkt helder krijgen.
Dat er veel geld stroomt richting sociale huursector is mij bekend. Alleen niet hoeveel. En dat geldt voor iedereen in Nederland, zo is mij gebleken. Er gaat veel in, maar er komt niets uit. In ieder geval geen volledige informatie hierover. De huursector doet me sterk denken aan een zwart gat. U weet wel, zo’n punt in het heelal waar alles in verdwijnt en waar nooit meer wat uit komt. Ook bewoners raken gevangen in de zwaar gesubsidieerde huursector.
Wat de overheid aan huurtoeslag betaalt is exact bekend, welk bedrag er gemoeid is met de huurprijsregulering wordt al behoorlijk wat onduidelijker. Waar blijkbaar helemaal geen duidelijke informatie over beschikbaar is, is over de geldstromen in de woningbouw. Wie draagt nou precies wat bij aan de bouw van sociale huurwoningen? Het Rijk, bijvoorbeeld via de subsidieregelingen BLS en de ISV, de gemeente, met name via lagere grondprijzen en ‘verevening’ van kosten, de bouwer via verschrijving van kosten naar andere projectonderdelen, de woningcorporatie via verevening met verkoopwinsten. En wat ons betreft niet in de laatste plaats de koopsector die meebetaalt aan de sociale huursector via de torenhoge grondprijzen en bouwkosten.
Is er misschien iemand die mij meer duidelijkheid kan verschaffen? U kunt contact met mij opnemen via
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
. Waarvoor dank bij voorbaat.
Bob Maas is senior beleidsadviseur en woningmarktspecialist bij Vereniging Eigen Huis. Hij heeft meer dan 20 jaar ervaring op het gebied van wonen en weet alles van de hypotheekrenteaftrek. Bob is niet alleen een voorvechter van de belangen van de eigenwoningbezitter, maar ook een groot voorstander van inspanningen die erop gericht zijn de woningmarkt voor alle burgers beter te laten functioneren. ‘Goed wonen, en met name een eigen huis, moet voor iedereen bereikbaar zijn.’
|
|
Hoe breekbaar is een politiek breekpunt? |
|
dinsdag, 01 juni 2010 14:51 |
Het kan je niet ontgaan zijn, de hypotheekrenteaftrek is een breekpunt bij de verkiezingen van 9 juni. De ene partij wil niets veranderen, de andere geleidelijk en nog een aantal willen het zo snel mogelijk aanpakken, afschaffen, wijzigen of wat dan ook.
Geloof jij er iets van? Ik niet. Het is stemmingmakerij. Letterlijk dan, want de partijen willen stemmen winnen. Niet dat ik ze daar ongelijk in geef, maar geloofwaardig is het niet.
Voorbeeld? CDA gaat niet aan de hypotheekrenteaftrek morrelen. Breekpunt zelfs! Echter, met wie zeggen ze graag een regering te willen vormen…? Juist, met partijen die ook breekpunten hebben gemaakt van de hypotheekrenteaftrek, maar dan om het juist wel aan te pakken. Snap jij het nog?
Als we iets van de geschiedenis geleerd hebben, is het wel dat we er niets van geleerd hebben. Bij de laatste pakweg 2 of 3 regeringscoalities werden er ook garanties gegeven voor dit of dat (vergeef me de details). Ik kan me nog wel herinneren dat die garanties de dag na de verkiezingen al niets meer waard waren.
Voor mij zijn die breekpunten reeds gebroken, ik laat me er niet door leiden. De rest van de ‘plannen’ van de verschillende partijen zijn net zo belangrijk bij het maken van een keuze. Die breekpunten zijn gewoon te breekbaar.
Bron: De Scherpe Pen
Gedurende de laatste 10 jaar heeft Tuttel zijn tijd tussen en met makelaars doorgebracht. De opgedane ervaringen zet hij graag in ten dienste van anderen en als grondlegger van de De Scherpe Pen schrijft Tuttel samen met andere bloggers kritisch over de makelaardij. Zijn kennis en inzichten over de inzet van sociale media in de makelaardij zijn vooruitstrevend.
|
|
zondag, 30 mei 2010 12:09 |
Het is altijd weer een mooie ervaring als iets waaraan je met een groep mensen hebt gewerkt tot resultaat leidt. In dit geval doel ik op de publicatie van de uitkomsten van de peiling over de hypotheekrenteaftrek die we hebben gehouden. Vandaag maakten we de uitkomsten officieel bekend en de media hebben er gewag van gemaakt. Meer dan 120 duizend mensen hebben hun mening gegeven, dus dat is ook wel iets om rekening mee te houden. Dat geldt zeker voor de politiek. En zeker in campagnetijd. Temeer als zeven op de tien deelnemers van de peiling aangeeft hun stem bij de Tweede Kamerverkiezingen in belangrijke mate te laten afhangen van wat partijen van plan zijn met de hypotheekrenteaftrek. Mensen geven overigens ook aan dat de discussie veel breder moet worden gevoerd dan alleen de hypotheekrenteaftrek. En dat is iets waarmee Vereniging Eigen Huis het alleen maar van harte eens kan zijn.
De peiling laat verder zien dat mensen zich zorgen maken over de woningmarkt. Dat betreft de huur- en de koopsector. Dat integrale plan voor de woningmarkt moet er dus volgens mij gewoon komen! Het is goed te merken dat eigenwoningbezitters in dat verband ook genuanceerd aankijken tegen de hypotheekrenteaftrek. De hypotheekrenteaftrek is geen taboe voor de deelnemers aan de peiling, net zo min voor Vereniging Eigen Huis. Mits er maar in samenhang gewerkt wordt aan de echte problemen op de woningmarkt. En de betaalbaarheid van het wonen en het waardebehoud van de eigen woning maar hoog in het vaandel blijven staan. Want daar maken mensen zich echt zorgen over, blijkt uit de peiling.
Wij vinden de peiling een succes. We hebben de voorbereiding ervan eerder dit jaar grondig aangepakt, waarbij we gebruik maakten van alle beschikbare expertise binnen én buiten de organisatie. Zowel op het gebied van de hypotheekrenteaftrek en de woningmarkt, als op het gebied van markt- en opinieonderzoek. De vragenlijst hebben we vooraf laten beoordelen door een wetenschapper die openbaar forse kritiek had geuit op de ANWB-peiling. Altijd handig!
En nu ben ik natuurlijk heel benieuwd wat u vindt van de peiling en van de uitkomsten.
Rob Mulder is econoom. Sinds 1 februari 2010 is hij directeur strategie en belangenbehartiging van Vereniging Eigen Huis. Na bijna 25 jaar in uiteenlopende functies te hebben gewerkt bij de Rijksoverheid, vindt hij het een prachtige uitdaging om het publieke belang – het wel en wee van 4 miljoen huishoudens met een eigen woning – nu vanuit Amersfoort te mogen behartigen.
|
|
zondag, 30 mei 2010 12:07 |
Deze week houd ik een drietal lezingen. Ik lever woensdag een bijdrage aan een seminar over de gevolgen van de beschikking van de Europese Commissie. Directeur Merijn van Giessen van het ministerie van WWI zorgt voor enige opschudding met zijn mededeling dat de interimregeling die vooruit loopt op de wettelijke verankering van de beschikking de dag erop naar de Tweede Kamer gaat. Hier had niemand op gerekend. Donderdag in de namiddag en de avond sprak de Tweede Kamer met de minister over de regeling. Er werd een motie aangenomen waarin voor uitstel werd gepleit. Door veel volkshuisvesters werd het aannemen van deze motie gevierd als overwinning. De minister ontraadde de motie en is van plan deze naast zich neer te leggen. Alles wijst erop dat de interimregeling dit najaar van kracht wordt. Tijdens dit seminar besef ik dat ik me geregeld afvraag: mag dit nog wel volgens de beschikking? Hoe moet het straks met Huur op Maat? Afhankelijk van het inkomen kan een woning heen en weer springen over de staatssteungrens van € 648. Hoe moet het met Koopgarant bij nieuwe woningen? Hiervoor mag geen WSW-borging worden ingezet. Lukt het voor Koopgarant-woningen zonder borging of garantie op de kapitaalmarkt te lenen?
Jim Schuyt is voorzitter van de directie van de Alliantie.
|
|
Ruimtelijke ordening is failliet |
|
woensdag, 26 mei 2010 12:54 |
Het gebeurt niet elke dag dat premier Balkenende het eerste exemplaar van een boek in ontvangst neemt. En het gebeurt ook niet elke dag dat een minister zich genoodzaakt ziet om via een weblog te reageren op de inhoud van datzelfde boek.
Het is dan ook tamelijk verbijsterend, wat Noud Köper beschrijft in Woekeren met ruimte. Na lezing rest het beeld dat de ruimtelijke ordening in Nederland een zootje is, dat overheden elkaar vooral tegenwerken, en dat de broodnodige centrale regie zo niet ontbreekt, dan toch minstens ernstig tekortschiet. Het boek leest als één grote aanklacht tegen de procedurele stroperigheid waarop ons land zo langzamerhand welhaast een patent lijkt te hebben.
De kracht van het boek is dat Köper de schokkende conclusies met overtuigende voorbeelden onderbouwt. Bovendien trekt hij de conclusies niet zelf, maar doen zijn gesprekspartners dat voor hem. De geïnterviewden vormen een gemêleerd gezelschap van ex-topambtenaren, oud-ministers, gewezen bestuurders, architecten en projectontwikkelaars.
Architect Adriaan Geuze concludeert stellig dat de ruimtelijke ordening failliet is. En eigenlijk is er niemand in het boek die erin slaagt om deze vernietigende analyse te nuanceren; ook de oud-bewindslieden of -bestuurders niet. Eerder is het tegendeel waar: met elk citaat en met iedere nadere uitleg wordt het eigenlijk alleen maar erger. Hoop dat er in de nabije toekomst veel ten goede zal veranderen, is er nauwelijks.
Het onder de onlangs afgetreden minister Cramer in gang gezette beleid om meer binnenstedelijk te bouwen en de spaarzame vrije ruimte zoveel mogelijk intact te laten, lijkt bijvoorbeeld nu al tot mislukken gedoemd. Binnenstedelijk bouwen is duur, en geld is er niet.
Peter Noordanus, voormalig CEO van AM en ex-wethouder van Den Haag, spreekt daarover duidelijke taal: ‘Er is wel constante zorg dat Nederland verrommelt, maar ambtelijk en politiek is er geen enkele wil om voor de kwaliteit van de ruimtelijke inrichting de rekening te betalen. Het departement heeft last van een overdosis marktoptimisme. Ze denken dat ze met allerlei bezweringsformules kunnen regelen dat de private sector het wel oplost.’
Woekeren met ruimte is tot stand gekomen met een financiële bijdrage van Bouwend Nederland, maar leest als een onafhankelijk journalistiek product. Volgens Köper heeft de vereniging voor bouw- en infrabedrijven op de inhoud dan ook geen invloed gehad.
Voor bestuurders en ambtenaren die werkzaam zijn in de ruimtelijke ordening, is het boek zonder meer een aanrader. Het zet aan tot denken en kan wellicht helpen om jarenlang ingesleten patronen te doorbreken. Maar voor mensen die wat verder van de materie afstaan, is het boek eveneens de moeite van het lezen waard. Doordat Köper de vaak ingewikkelde problematiek op toegankelijke wijze beschrijft, is het ook goed te volgen voor lezers zonder veel achtergrondkennis.
Boudewijn Warbroek, redacteur Binnenlands Bestuur
|
|
Halve waarheden over de hypotheekrenteaftrek |
|
maandag, 17 mei 2010 14:14 |
Wat hebben we toch een keurig land. Lang niet alles is volmaakt en er is af en toe best wel reden tot klagen, maar wie wel eens in het buitenland heeft rondgereisd, zal het zeker zijn opgevallen. We hebben geen troosteloze sloppenwijken, geen verpauperde voorsteden en geen trailerparken vol met gammele caravans. Bijna iedereen, van hoog tot laag, heeft hier op zijn minst een redelijk goede woning met alle noodzakelijke voorzieningen. Dat is goed, want dat houdt iedereen tevreden en het land stabiel en productief. En wat misschien wel het belangrijkste is, is dat we het elkaar ook gunnen. Want we hebben er immers met zijn allen voor gekozen om in het meest genivelleerde land ter wereld te leven.
Maar toch is wel eens goed om te bedenken hoe dat allemaal mogelijk is. Hoe kan ons land er ongeveer 2,5 miljoen sociale huurwoningen op na houden die voor – grofweg – circa de helft worden verhuurd van wat ze in werkelijkheid zouden moeten opbrengen? Dat kan niet alleen verklaard worden door de huurprijsregulering en de huurtoeslag. Die temperen de huurstijging en bieden een individuele aanvulling indien er – ondanks het lage huurprijsniveau – onvoldoende inkomen is. De truc zit hem in de bouwkosten. Sociale huurwoningen worden zwaar gesubsidieerd tijdens de bouw. Lage grondprijzen, een bouwprijs die beneden de werkelijke kostprijs ligt en veel ‘financiering’ van buitenaf. De woningen komen daardoor voor een prijs vér beneden marktwaarde in de boeken van de woningcorporaties. Alleen op die manier zijn die lage huren mogelijk.
Maar het geld moet natuurlijk ergens vandaan komen. Belangrijke bron is de nieuwbouw van koopwoningen. Daar worden – althans tot voor kort – vette winsten op gemaakt. De hoge huizenprijzen maken het mogelijk om allerlei kosten te ‘verschrijven’ naar de koopsector en daar ook nog eens een dikke winst aan over te houden. Behalve de onrendabele top van de sociale huursector, wordt de prijs van een nieuwbouwkoopwoning ook belast met de kosten van allerlei infrastructurele werken en voorzieningen in de buurt, zoals de aanleg van wegen e.d. De grond- en bouwkosten in de koopsector zijn daardoor sky-high.
Zonder dat daar precieze cijfers over bekend zijn, schat ik in dat nieuwbouwkopers door deze stapeling van kosten tot tienduizenden euro’s extra hypotheek moeten nemen om de woning te kunnen bemachtigen die zij graag willen. Over dat bedrag moeten zij in principe dertig jaar lang rente betalen en uiteindelijk moet het ook worden afgelost. Het is goed om hiermee rekening te houden als de politiek overweegt het delicate stelsel van woningbouwfinanciering te verstoren met een beperking van de hypotheekrenteaftrek.
Heb ik gelijk of niet? Ik hoor het graag van u.
Bob Maas is senior beleidsadviseur en woningmarktspecialist bij Vereniging Eigen Huis. Hij heeft meer dan 20 jaar ervaring op het gebied van wonen en weet alles van de hypotheekrenteaftrek. Bob is niet alleen een voorvechter van de belangen van de eigenwoningbezitter, maar ook een groot voorstander van inspanningen die erop gericht zijn de woningmarkt voor alle burgers beter te laten functioneren. ‘Goed wonen, en met name een eigen huis, moet voor iedereen bereikbaar zijn.’
|
|
vrijdag, 14 mei 2010 08:48 |
Allereerst vooraf excuses aan de lezer voor het wat technische karakter van deze bijdrage. De corporatiewereld kent net als de financiële wereld een toezichthouder; het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting, kortweg CFV.
Ooit ingesteld om in nood verkerende organisaties te helpen, vandaar het woord ‘fonds’ in de naam, inmiddels uitgegroeid tot de verlengde arm van het ministerie. Toezichthouders hebben in Nederland ook een andere naam: opzichters. In de volksmond heb je het dan over mensen die met de handen in de zakken staan en andere vertellen wat ze moeten doen. Zelf doen ze in de regel niets. Goede toezichthouders snappen dat dilemma en doen er alles aan om niet irritant over te komen, zo niet het CFV. Die slaat eerst en stelt dan vragen. Bijvoorbeeld waar het gaat om het zogenaamde continuïteitsoordeel.
Dat oordeel is ontstaan uit bescherming van zwakke organisaties in de vorm van A, B1 en B2. Wie in de B zit moet oppassen, zult u begrijpen. Sinds een jaar of wat bestaat er ook een C-oordeel. Dat krijg je als je teveel geld hebt en te weinig doet. Twee jaar geleden kreeg ons bedrijf zo’n oordeel. Omdat wij gemiddeld vijf keer zoveel doen als de gemiddelde corporatie hebben wij dat oordeel beantwoord met toezending van een opblaaskrokodil. Een paarse was niet voor handen, het werd een groene. Een week later kregen we een A in plaats van de vermaledijde C. Vorig jaar kregen we keurig een A en dan ook ruim binnen de marges.
En, simsalabim, dit jaar komt men met een aangepaste rekensom weer uit op een C. En als een echte opzichter wordt er eerst geoordeeld en worden er pas vragen gesteld als je geïrriteerd reageert. De moraal van dit verhaal zou wat mij betreft zijn dat er in het overheidstoezicht nogal wat te verbeteren valt. Richt je op die zaken die ertoe doen, bijvoorbeeld als er een overschrijding van 200 miljoen plaatsvindt bij het inrichten van een boot met geld uit de volkshuisvesting. Behandel organisaties met respect die, onafhankelijk vastgesteld, ordentelijk hun werk doen. Corporatie directeur Jan Sinke
|
|